Kinderverhaaltje: een dag in het leven van een dromer (door een geduldige leraar)



Terug naar het overzicht met kinderverhaaltjes

**Een dag in het leven van een dromer**

Het was een rustige ochtend in de tuin van Sven. De zon scheen zachtjes door de bladeren van de bomen en de lucht was helder blauw. Sven zat op een houten bankje, omringd door kleurrijke bloemen. Hij had een boek in zijn handen, maar zijn gedachten dwaalden af naar andere werelden. Sven was een dromer, en dat was niet altijd makkelijk.

Sven had een gemiddeld postuur en droeg altijd nerdy kleding. Vandaag had hij zijn favoriete T-shirt aan met een afbeelding van een schaakbord erop. Zijn unieke haarkleur viel op; het was een mengeling van kastanjebruin en goud, wat hem soms het gevoel gaf dat hij anders was dan anderen. Maar dat maakte hem niet uit. Hij hield van schaken, en dat gaf hem vreugde.

In de tuin zat ook Cleo, zijn buurmeisje. Ze was druk bezig met haar schetsboek en tekende de bloemen om hen heen. Cleo had altijd veel geduld voor Sven, zelfs als hij soms gefrustreerd raakte over dingen die anderen makkelijk leken te vinden.

“Wat ben je aan het lezen?” vroeg Cleo zonder op te kijken.

“Een boek over schaken,” antwoordde Sven terwijl hij naar de pagina’s keek. “Het gaat over strategieën.”

“Dat klinkt interessant,” zei Cleo met een glimlach. “Misschien kunnen we later samen schaken?”

Sven knikte, maar zijn gedachten waren al weer ergens anders. Hij dacht aan de schaakclub waar hij naartoe ging, waar iedereen zo goed was en hij zich soms onzeker voelde. Het maakte hem angstig om te verliezen, vooral omdat hij wist dat hij intelligent was maar niet altijd het vertrouwen had om dat te laten zien.

De leraar van de schaakclub, meneer Ahmad, was geduldig met hem geweest. Hij had Sven geleerd dat verliezen ook leren is. Maar soms voelde het alsof die woorden niet genoeg waren om zijn angst weg te nemen.

Cleo merkte dat Sven weer in gedachten verzonken was en vroeg: “Waar denk je aan?”

“Ik denk aan schaken,” zei Sven eerlijk. “En aan hoe moeilijk het soms is.”

Cleo legde haar potlood neer en keek hem aan. “Maar je bent goed! Je hebt me al vaak verslagen.”

“Ja,” zuchtte Sven, “maar ik wil beter worden dan iedereen.”

Cleo knikte begrijpend. Ze wist hoe belangrijk schaken voor hem was en hoe frustrerend het kon zijn als dingen niet gingen zoals je wilde.

“Misschien moet je gewoon genieten van het spel,” stelde ze voor terwijl ze weer begon te tekenen.

Sven keek naar haar en dacht na over haar woorden. Genieten? Dat klonk zo simpel, maar voor hem voelde het vaak als een uitdaging op zich.

Na een tijdje besloot Cleo om even pauze te nemen van haar tekeningen en vroeg: “Zullen we samen buiten spelen? Gewoon iets anders doen?”

Sven aarzelde even maar stemde toen toe. Ze liepen naar het grasveld achterin de tuin waar ze vaak speelden als kinderen. Het gras voelde koel onder hun voeten terwijl ze renden en lachten.

Na hun spelletje gingen ze terug naar het bankje in de tuin waar ze hun spullen hadden achtergelaten. Cleo pakte haar schetsboek weer op en begon opnieuw te tekenen terwijl Sven zijn boek oppakte.

De zon stond inmiddels hoger aan de hemel en gaf alles een warme gloed. Terwijl hij las, merkte Sven dat zijn gedachten steeds meer afdwalen naar wat er zou gebeuren tijdens de volgende schaakwedstrijd.

“Meneer Ahmad zei dat ik me moet concentreren op mijn eigen spel,” mompelde hij hardop.

Cleo keek op van haar tekeningen en glimlachte weer: “Dat is goed advies! Misschien moet je gewoon proberen jezelf te verbeteren.”

Sven knikte langzaam maar voelde nog steeds die knoop in zijn maag bij de gedachte aan verliezen of falen voor anderen.

De middag verstreek rustig terwijl ze samen in stilte genoten van hun eigen bezigheden; Cleo met haar tekeningen en Sven met zijn boek over schaken.

Uiteindelijk kwam er een moment waarop Cleo vroeg: “Zullen we nu echt gaan schaken?”

Sven sprong op van enthousiasme; dit was iets waar hij echt blij van werd! Ze haalden het schaakbord uit de schuur achterin de tuin waar ze vaak speelden toen ze jonger waren geweest.

Terwijl ze hun stukken opstelden, voelde Sven zich al iets minder gespannen dan eerder die dag. Het bord glinsterde in het zonlicht terwijl ze hun zetten maakten; elke zet bracht hen dichter bij elkaar in dit eenvoudige spel vol strategieën.

De tijd vloog voorbij terwijl ze speelden; elke zet bracht nieuwe mogelijkheden met zich mee, nieuwe kansen om te leren of misschien zelfs te winnen of verliezen zonder angst ervoor te hebben.

Uiteindelijk won Cleo deze keer; zij had goed nagedacht over elke zet die zij maakte terwijl zij ook genoot van elk moment samen met Sven.

“Goed gespeeld!” zei zij enthousiast terwijl zij haar handen omhoog deed in overwinning.

Sven lachte ondanks zichzelf: “Jij ook! Je hebt echt goed gespeeld.”

Ze keken elkaar aan met blije gezichten vol vreugde om wat ze samen hadden gedaan deze dag; geen geheimen of magie nodig om gelukkig te zijn—alleen maar elkaar en hun liefde voor schaken onder deze warme zonneschijn in hun rustige tuin vol bloemen.


Terug naar het overzicht met kinderverhaaltjes