In een stad waar de lucht altijd gevuld was met de geur van versgebakken brood en de klanken van het dagelijkse leven, woonde een jongen genaamd Mats. Hij was een gemiddeld lange jongen met bruin krullend haar dat vaak in zijn ogen viel. Mats droeg meestal casual kleding, comfortabele broeken en T-shirts die hem niet in de weg zaten. Hij had een analytische geest, altijd bezig met het observeren van de wereld om hem heen. Maar er was iets dat hem neerslachtig maakte, iets dat als een schaduw over zijn gedachten hing.
De stad lag aan de voet van hoge bergen, bedekt met eeuwige sneeuw die glinsterde in het zonlicht. De bergen leken te fluisteren, hun toppen reikten naar de hemel en boden een ontsnapping aan de alledaagse zorgen. Mats keek vaak naar deze bergen vanuit zijn kamer, waar hij zich terugtrok in zijn eigen wereld. Zijn kamer was gevuld met tekeningen en schilderijen die hij zelf had gemaakt. Elk kunstwerk vertelde een verhaal, maar geen enkel verhaal kon zijn verlangen naar avontuur vervullen.
Mats had chronische vermoeidheid; het voelde alsof er altijd een zware last op zijn schouders rustte. Dit weerhield hem ervan om deel te nemen aan de activiteiten van zijn leeftijdsgenoten. Terwijl anderen buiten speelden of samenkwamen in cafés, zat Mats vaak alleen achter zijn bureau, geconcentreerd op het creëren van nieuwe uitvindingen. Hij droomde ervan om iets te maken dat de wereld zou veranderen.
Op een dag ontmoette hij Maud, een meisje dat net als hij in deze stad woonde. Maud had ook haar eigen dromen en verlangens. Ze had lang blond haar dat als zonnestralen om haar heen danste wanneer ze zich bewoog. Haar ogen waren helder en vol nieuwsgierigheid; ze leek altijd op zoek naar antwoorden op vragen die niemand anders stelde.
Maud kwam vaak langs bij Mats’ huis om te kijken naar zijn uitvindingen. Ze vond het fascinerend hoe hij met eenvoudige materialen complexe dingen kon maken. “Wat is dit?” vroeg ze op een dag terwijl ze naar een apparaat keek dat Mats had gebouwd uit oude tandwielen en draden.
“Het is een machine die dromen kan vastleggen,” antwoordde Mats zonder enige aarzeling.
Mats legde geduldig uit hoe hij elk onderdeel had ontworpen en samengevoegd om iets unieks te creëren. Terwijl hij sprak, merkte hij dat Maud aandachtig luisterde, haar gezicht vol verwondering en begrip.
“Misschien kunnen we samen werken,” stelde ze voor naarmate hun gesprekken vorderden.
Mats voelde zich aanvankelijk ongemakkelijk bij het idee om samen te werken; hij was gewend alleen te werken aan zijn projecten. Maar er was iets in Mauds enthousiasme dat hem aantrok, iets wat hem aanspoorde om deze kans niet voorbij te laten gaan.
De dagen verstreken terwijl ze samenwerkten aan verschillende uitvindingen in Mats’ kamer. Ze experimenteerden met kleuren en vormen; Maud schilderde terwijl Mats knutselde aan nieuwe apparaten. Hun creaties waren soms chaotisch maar altijd vol leven; ze vulden de ruimte met kleur en geluid.
De bergen buiten hun raam bleven onveranderd staan, maar voor Mats voelde elke dag als een nieuw avontuur in Dromenland. De sneeuw op de toppen leek hen toe te lachen terwijl ze hun dromen vormgaven in hun kleine wereld.
Toch bleef er altijd die schaduw van vermoeidheid over Mats hangen. Soms voelde hij zich overweldigd door de druk om iets groots te creëren, iets wat hen zou helpen ontsnappen aan hun dagelijkse leven. Op zulke momenten trok hij zich terug in stilte, starend naar het plafond terwijl gedachten door zijn hoofd raasden als stormachtige wolken boven de bergen.
Maud merkte deze momenten op en vroeg soms: “Wat is er? Waarom kijk je zo somber?”
“Het is moeilijk,” antwoordde Mats dan eerlijk, “omdat ik niet weet of ik ooit zal kunnen maken wat ik wil.”
Maud glimlachte dan geruststellend: “Het maakt niet uit of je grootse dingen maakt of niet; wat we doen is al bijzonder.”
Haar woorden hielpen hem soms om weer verder te gaan, maar andere keren voelden ze als lege beloftes die niet konden verbergen wat er echt speelde binnenin hem.
Op een dag besloten ze samen naar buiten te gaan; misschien zou frisse lucht hen helpen nieuwe ideeën op te doen voor hun projecten. De lucht was koud maar helder; elke ademhaling voelde verfrissend aan tegen hun wangen terwijl ze door straten liepen die bekend waren maar toch nieuw leken onder het winterse licht.
Ze kwamen bij een groot plein waar kinderen speelden en volwassenen praatten over alledaagse dingen zoals werk en liefde – onderwerpen waarover Mats vaak nadacht maar nooit echt begreep.
“Mats,” zei Maud plotseling terwijl ze naar de kinderen keek die sneeuwballen gooiden, “denk je ooit na over wat zij dromen?”
Mats dacht even na voordat hij antwoord gaf: “Misschien dromen zij over vrijheid… of avonturen.”
“En jij?” vroeg Maud nieuwsgierig.
“Ik droom ervan om mijn uitvindingen werkelijkheid te laten worden,” zei Mats zachtjes.
Maud knikte begrijpend: “Dat is ook belangrijk.”
Terug thuis gingen ze weer aan het werk in hun kleine atelier vol creativiteit en chaos. De dagen werden weken en weken werden maanden; hun samenwerking groeide sterker ondanks de uitdagingen waarmee ze werden geconfronteerd.
Uiteindelijk kwam er een dag waarop Mats besloot dat het tijd was om zijn grootste uitvinding tot nu toe af te ronden – de machine die dromen kon vastleggen. Het apparaat stond nu trots in het midden van zijn kamer, klaar voor gebruik.
Met Maud naast hem drukte hij op de knop van de machine; er klonk een zacht zoemen gevolgd door flitsende lichten die door de ruimte dansten als sterren aan de nachtelijke hemel.
“Wat gebeurt er?” vroeg Maud vol spanning terwijl ze toekeek hoe beelden verschenen op het scherm van de machine – beelden van avonturen die zij samen hadden beleefd tijdens hun tijd samen: schilderijen die tot leven kwamen, sneeuwballengevechten onder heldere sterrenhemels…
Mats glimlachte voor het eerst sinds lange tijd echt: “Dit is onze Dromenland.”
En zo zaten ze daar samen – twee jonge zielen onder hoge bergen bedekt met eeuwige sneeuw – verloren in hun eigen wereld vol creativiteit en hoop voor morgen zonder enige druk of verwachting van buitenaf.