Kinderverhaaltje: Het Spookhuis aan het Einde van de Straat (door een slimme wetenschapper)



Terug naar het overzicht met kinderverhaaltjes

**Het Spookhuis aan het Einde van de Straat**

In een klein dorpje, omringd door bossen en velden, stond een oud huis. Het was groot en grijs, met krakende deuren en gebroken ramen. De kinderen noemden het het Spookhuis. Niemand durfde er in de buurt te komen, behalve een jongen genaamd Sam.

Sam was een vrolijke jongen van twaalf jaar. Hij had altijd veel energie en kon zich moeilijk concentreren. Soms vergat hij wat hij aan het doen was. Maar dat maakte hem niet minder leuk om mee te spelen. Zijn vrienden vonden hem grappig en avontuurlijk.

Op een zonnige dag besloot Sam dat hij het Spookhuis wilde verkennen. Zijn vrienden, Lisa en Tom, keken hem met grote ogen aan.

“Ben je gek? Dat huis is eng!” zei Lisa.

“Ja, er wonen spoken!” voegde Tom toe.

Maar Sam lachte alleen maar. “Spoken bestaan niet! Kom op, laten we gaan kijken!”

Lisa en Tom keken naar elkaar. Ze wisten dat ze niet moesten meegaan, maar ze wilden Sam niet alleen laten gaan. Dus besloten ze hem te volgen.

Ze liepen naar het einde van de straat waar het Spookhuis stond. Het gras was hoog en de bloemen waren verwilderd. Het huis leek nog griezeliger van dichtbij. De deur hing scheef op zijn scharnieren en er waren spinnenwebben overal.

“Dit is echt eng,” fluisterde Lisa terwijl ze achter Sam aan liep.

“Kom op! We gaan gewoon even kijken,” zei Sam enthousiast.

Hij duwde de deur open en deze kraakte luid. Binnenin was het donker en stoffig. De lucht rook muf en oud. Sam stapte naar binnen met zijn vrienden dicht achter zich.

“Wat als er echt spoken zijn?” vroeg Tom nerveus.

“Dan zeggen we gewoon hallo!” zei Sam met een grijns.

Ze keken rond in de grote hal. Er stonden oude meubels bedekt met doeken en er hingen schilderijen aan de muren die leken te kijken naar de kinderen.

“Ongelooflijk,” zei Lisa terwijl ze een stap verder naar binnen zette.

Plotseling hoorde ze een geluid boven hun hoofd. Het klonk als iets dat viel of misschien wel iemand die liep!

“Wat was dat?” vroeg Tom met een trillende stem.

Sam keek omhoog, zijn ogen glinsterend van nieuwsgierigheid. “Laten we kijken!”

Ze liepen voorzichtig naar de trap die leidde naar de bovenverdieping. De treden kraakten onder hun voeten terwijl ze omhoog gingen. Bovenaan aangekomen zagen ze een lange gang met verschillende deuren.

“Welke deur zullen we openen?” vroeg Lisa angstig.

Sam wees naar de eerste deur aan zijn rechterkant. “Die! Laten we daar beginnen.”

Hij duwde de deur open en ontdekte een kamer vol oude boeken en speelgoed uit lang vervlogen tijden. Er stonden poppen op planken die hen leken aan te staren met hun glazen ogen.

“Dit is best cool!” zei Sam terwijl hij door de kamer rende, zijn handen over de boeken liet glijden.

Maar toen hoorde hij weer dat geluid – dit keer duidelijker: iets viel op de grond in een andere kamer!

“Wat was dat nu weer?” vroeg Tom, nu echt bang geworden.

“We moeten gaan kijken!” zei Sam vastberaden, al weer klaar om verder te rennen.

Ze gingen naar de volgende deur aan het einde van de gang en opende deze langzaam. Wat ze zagen deed hen verstijven: er stond een oude spiegel in het midden van de kamer, omringd door stof en schaduw.

In de spiegel zagen ze niet alleen zichzelf; er leek ook iets anders achter hen te staan! Een vage schaduw bewoog snel weg toen ze zich omdraaiden!

“Dat was eng!” gilde Lisa terwijl ze achter Sam schuilde.

Sam voelde zijn hart sneller kloppen maar ook zijn nieuwsgierigheid groeide nog meer. “Misschien is dit gewoon iemand die hier woont,” stelde hij voor terwijl hij dichterbij kwam om beter te kijken in de spiegel.

Tom trok hem terug: “Nee! Laten we weggaan!”

Maar voordat ze konden bewegen, hoorde Sam opnieuw dat geluid – nu nog luider! Het kwam uit een andere kamer verderop in het huis!

“Ik ga kijken,” zei Sam vastberaden terwijl hij al richting het geluid liep zonder na te denken over wat hij deed.

Lisa greep zijn arm: “Wacht! We moeten voorzichtig zijn!”

Maar Sam trok zich niets aan van haar waarschuwing; hij wilde weten wat er gaande was! Hij duwde opnieuw een deur open – deze keer kwam hij in een grote woonkamer vol oude meubels die bedekt waren met doeken zoals eerder gezien, maar hier lag ook iets op de grond…

Het bleek een oude teddybeer te zijn! Maar toen hij dichterbij kwam, zag hij iets anders bewegen – iets witss!

Een schim sprong plotseling uit het donker! Het was… niets meer dan een kat die hen aankijkend vanuit haar schuilplaats onder een stoel!

“Oh… alleen maar een kat!” zuchtte Tom opgelucht terwijl hij lachte om hun angstige gezichten.

Sam lachte ook: “Zie je wel? Geen spoken hier!”

De kat begon rond hun benen te wonden en spinde zachtjes terwijl zij haar aaiden. Ze voelden zich meteen beter nu alles zo normaal leek in vergelijking met hun eerdere angsten.

Terwijl ze daar stonden te lachen met de kat die hen volgde als hun nieuwe vriendje, realiseerden ze zich dat misschien dit huis niet zo eng was als iedereen dacht.

Misschien had dit Spookhuis gewoon geheimen verborgen die wachten om ontdekt te worden – geen spoken of geesten; alleen verhalen uit vervlogen tijden.

En zo besloten Sam, Lisa en Tom dat zij elke week terug zouden komen om meer avonturen te beleven in het Spookhuis aan het Einde van de Straat.

Want wie weet wat voor wonderlijke dingen zij nog zouden ontdekken?

Terug naar het overzicht met kinderverhaaltjes