Dieren in de ark

Hoeveel soorten dieren nam Mozes mee in zijn ark?

Geen. Mozes had geen ark.

 

Honing

Jonas zei tegen Niklas: “Die honing heeft een rare bijsmaak.”

 

De weg naar het ziekenhuis

Op het midden van een druk kruispunt blijft de oudere heer staan om aan de agent te vragen wat de kortste weg naar het ziekenhuis is.

“Gewoon blijven staan, meneer!” is het antwoord.

 

Parachute sprong

De nieuwe soldaten gaan hun eerste parachutesprong uitvoeren. De laatste jongeling was aan de beurt. Plots roept de officier “Halt! Jij draagt geen parachute!”

De soldaat antwoordt: “Dat geeft toch niet? Dit is toch maar een oefening?”

 

Wachten op de tram

Een dronken student staat al een uur te wachten op de tram, maar die wil maar niet passeren. Toevallig loopt er net een agent langs. De jongeman spreekt hem aan: “Excuseer, meneer de agent, maar wanneer passeert de tram hier?”

De agent antwoordt: “Zodra er hier sporen liggen, jongeman.”

 

Toeschouwer bij het vissen

Een visser zit al 3 uur lang te wachten tot hij beet heeft. Ze willen niet bijten vandaag. Al die tijd staat er een man naar hem te kijken. De visser wordt er steeds nerveuzer van. Uiteindelijk draait hij zich om en spreekt de man aan. “Als u het toch zo interessant vindt, meneer, waarom gaat u dan niet zelf vissen?” zegt hij.
“O, maar daar heb ik niet genoeg geduld voor, hoor.” antwoordt de man vriendelijk.

 

Ongewassen

“Vooruit Alexander, ga je gezicht wassen.” zegt mama, “Anders krijg je straks geen zoen van je tante.”

“Dat is net de bedoeling.” is het antwoord van Alexander.

 

Tante Annie

De kinderen van een basisschool krijgen les over moraal. Ze krijgen als opdracht aan hun ouders te vragen een verhaal met een moraal te vertellen. Wanneer ze terug in de klas komen, mogen ze dat verhaal vertellen.

De volgende dag vertelt Kobe: ‘Mijn ouders zijn kippenboeren, ze hebben een legbatterij. Op een dag hadden ze in de auto een mand eieren staan. Ze reden over een grote bobbel in de weg, waardoor de eieren braken. De moraal luidt: Wees zeer voorzichtig met fragiele voorwerpen’.

Pia vertelt: ‘Mijn ouders hebben ook een kippenboerderij, maar zij kweken kuikentjes. Op een dag hadden ze wel twintig eitjes. Ze verwachtten dus ook twintig kuikentjes. Ze verzorgden de eitjes heel goed, maar er zijn er maar vijftien van uitgekomen. De moraal luidt: Tel je kuikentjes pas als ze uitkomen’.

Dan vraagt de juf aan Marieke: ‘En hebben jouw ouders ook een verhaal verteld?’

‘Ja’, antwoordt Marieke, ‘mijn papa heeft ons verteld over zijn zus tante Annie. Onze tante Annie woont in Amerika en is daar bij het leger. Ze is piloot bij de luchtmacht en heeft mee gevochten in Irak. Op een dag werd haar vliegtuig geraakt en moest ze springen. Het enige dat ze bij zich had was een fles whisky, een machinegeweer en een zakmes. Terwijl ze aan haar parachute bengelde, dronk ze de fles whisky leeg, dan was ze die alvast kwijt. Toen ze beneden kwam, werd ze omsingeld door wel zeventig vijanden. Ze pakte haar machinegeweer en schoot er vijftig van neer, toen waren haar kogels op. Met haar zakmes kon ze er nog vijftien doden, toen brak het mes af. De vijf laatste heeft ze met haar blote handen gedood.’

De juf kijkt Marieke ontdaan aan en vraagt na enige stilte: ‘En heeft je papa je ook een moraal bij dat verhaal verteld?’

Marieke antwoordt: ‘Jazeker, je kunt beter uit de buurt van tante Annie blijven als ze gezopen heeft.’

 

Opstel over de dierentuin

Gisteren was het de jaarlijkse schooluitstap. Dit jaar zijn ze naar de dierentuin geweest. En zoals dat dan gaat, moeten de kinderen er vandaag een opstel over schrijven.

Fons schreef: “De zebra’s zin echt de meest luie dieren die er bestaan. Ze liepen om 3 uur in de namiddag nog rond in pyjama.”

 

Vervelende buren

  • Ik heb echt vervelende buren. Voortdurend heb ik er problemen mee. Gisteren bijvoorbeeld, stonden ze midden in de nacht op de muren te bonken.
  • Dat is inderdaad vervelend. Dan kon je vast niet slapen.
  • Zo erg was het gelukkig niet. Ik was toch nog wat op mijn trompet aan het oefenen.