Op zoek naar een straatgevecht

Een man gaat naar een ruige buurt en stapt een café binnen. Tegen een man aan de bar zegt hij: “Hallo, ik zoek een straatvechter, ik zou wel eens een echt straatgevecht willen zien.”

“Dat treft,” zegt de man, “ik ben toevallig een straatvechter. Mij moet je hebben.” “Ok,” zegt de eerste, “ga mee naar buiten, dan zoeken we een tegenstander.”

Buiten gekomen zien ze een boom van een kerel aan komen lopen. “Daar,” zegt de nieuwsgierige, “dat is je tegenstander.”

“Welnee,” zegt de straatvechter, “als ik een keer hard op de grond stamp, dan rent hij weg.”

Dan komt er een echtpaar aanlopen. “Kijk,” zegt de straatvechter, “die vent, daar ga ik mee vechten.”

“Hoe wil je dat dan doen?” vraagt de ander.

“Ik weet wel een manier om hem uit te dagen”, zegt de straatvechter, “Ik scheld gewoon zijn vrouw verrot. Dan moet hij wel met me vechten.”

En hij begint te schelden tegen die vrouw: “Jij vuile, smerige, achterbakse hoer dat je bent!”

“Kijk,” zegt haar man tegen zijn echtgenote, “nou hoor je het eens van een ander!”

 

Filip denkt aan scheiden

Twee vrienden zitten in de bar achter een biertje.

Filip zegt ineens: “Ik geloof dat ik van mijn vrouw ga scheiden.”

“Waarom dat?” vraagt Matthias verrast.

Filip zegt: “Wel, het is nu al bijna drie maanden dat Mieke niet meer tegen mij spreekt.”

Matthias drinkt eens van zijn biertje, denkt een tijdje na en zegt dan: “Filip, denk er toch nog eens goed over na voordat je een overhaaste beslissing neemt. Zo’n vrouw vind je niet gemakkelijk.”

 

Papa worden van een meerling

Drie mannen zitten in een café.

Piet zegt: ‘Mijn vrouw heeft een tweeling gekregen nadat ze het boek De twee zusters had gelezen.’

Fons antwoordt: ‘Dat is ook toevallig, mijn vrouw heeft een drieling gekregen nadat ze het boek De drie musketiers had gelezen!’

Phil springt op, doet zijn jas aan en haast zich naar de deur.

Piet roept: ‘Waarom ren je plots weg?’

Phil antwoordt: ‘Mijn vrouw is van plan het boek De 101 dalmatiërs te lezen!’

 

Chocolade-ijs

Een giraf loopt een snackbar binnen en bestelt chocolade-ijs.

Een vrouw die het gezien heeft, zegt verbaasd tegen de verkoper: ‘Dat is vreemd, een giraf die chocolade-ijs bestelt.’

‘Ja, heel vreemd’, antwoordt de verkoper. ‘Normaal neemt hij vanille-ijs.’

 

Een domkop koopt een pizza

Er komt een domkop bij de pizzeria. Hij bestelt een pizza.

Wanneer de pizza klaar is, vraagt de verkoper of hij de pizza in zes of acht stukken moet snijden.

De domkop zegt: ‘Doe maar in zes stukken, want acht krijg ik nooit op!’

 

Zwart en wit

Sven zit op café met zijn vriend en vraagt: ‘Zeg, Karel, is zwart een kleur?’

Waarop Karel antwoordt: ‘Tuurlijk, Sven.’

Na een tijdje vraagt Sven: ‘Is wit ook een kleur?’

‘Ha ja, he’, antwoordt Karel.

Wanneer Sven thuis komt zegt hij tegen zijn vrouw: ‘Schat, we hebben toch een kleurentelevisie!’

 

Groot of klein

Piet en Pol gaan naar een taverne en bestellen elk een hamburger.

Even later brengt de dienster 2 hamburgers. Er blijkt één grote en één kleine hamburger te zijn.

‘Jij mag eerst kiezen’, zegt Piet.

Pol denkt even na en kiest dan de grote.

‘Wat ben jij onbeleefd!’, roept Piet uit. ‘Jij kiest gewoon de grote!’

‘Welke zou jij dan gekozen hebben?’ vraagt Pol.

‘De kleine, natuurlijk’, zegt Piet.

‘Wel, wat zeur je dan! Die heb je nu toch?’ is het antwoord van Pol.

 

Fooi voor de ober

Een man eet in een restaurant. Bij het betalen geeft hij één euro fooi.

De ober kijkt ernaar, fronst de wenkbrauwen en zegt: ‘Uw zoon was gisteren hier. Hij gaf een veel grotere fooi.’

De man antwoordt: ‘Tja, mijn zoon heeft een rijke vader. Maar ik niet.’

 

Tomaten op restaurant

Er zitten twee tomaten te eten in een restaurant.

Opeens prikt de ene tomaat de andere met zijn vork.

‘Au! Wat doe je nou?’ vraagt de geprikte tomaat een beetje boos.

De andere tomaat antwoordt: ‘Ik had ketchup nodig.’

 

Dure cola

Een aap komt een bar binnen en bestelt een cola.

De barman denkt: ‘Die aap heeft helemaal geen verstand van geld. Ik vraag eens een lekker hoge prijs.’

Hij rekent de aap 10 euro aan voor de cola. De aap betaalt.

De barman is toch nieuwsgierig en besluit een praatje te maken met de aap.

‘Er komen hier eigenlijk niet zoveel apen’, zegt hij.

‘Ja, natuurlijk’, zegt de aap. ‘Ik kom hier ook niet meer terug. Een cola is hier belachelijk duur.’